“Vier op een rij” trekt naar Canada

Gepost door: Kastaar & Wim |Clubdag 4 op 1 rij - Zedelgem

Jawadde, op zaterdag 13 september vestigde “Vier op een rij” een waanzinnig record want in 11uur 47min en 25 seconden reisden ze van Veldegem via Frankrijk naar Canada en ze keerden dan diezelfde dag nog terug. Straffe toebak!

Een paar gasten dachten dat we enkele uren in café “de Canada” hadden vertoefd maar niets van, we waren wel degelijk op Canadees grondgebied.

Maar we gaan dat wel eens uitleggen.

Voor onze clubdag in Noord-Frankrijk zijn we de slagvelden van Artesië gaan bezoeken evenals de omgeving Arras en Béthune.

Het is licht nevelig als we vertrekken voor wat een schitterende dag zou worden. Er is dit jaar heel wat te doen rond “100 jaar Groote Oorlog”, ook voor ons zal dit de rode draad zijn doorheen onze daguitstap. Voor onze groep is de heuvelrug tussen Lens en Arras heel belangrijk want de Duitsers hadden zich hier ingegraven en lanceerden van hieruit  aanvallen op Arras. De bezette heuvel van Vimy bleef een doorn in het oog van de geallieerden maar op Paasdag 1917 lanceerden 3 Canadese divisies ondersteund door een Marokkaanse divisie een 3e aanval. De heuvel werd bestormd gedurende 3 dagen. De verovering was een succes maar koste helaas 11000 slachtoffers aan Canadese zijde. Na de oorlog waren de Fransen zeer dankbaar. Wat deden ze? Ze schonken 107 ha grond aan Canada, daar boven op de heuvel van Vimy. Vandaag tendage is dat nog steeds Canadees grondgebied. In Avion, een voorstad van Lens, vinden we het ‘parc de la Glissoire’ terug. Hier vertrekken de wandelaars voor een ochtendwandeling van ongeveer 12km. Nadat we het park doorkruisten zetten we koers naar ‘Val de Souchez’, gekend van de Franse manche van de Superprestige veldrijden. We dwarsen een invalsweg en beklimmen de terril de Pinchonvalles, de langste terril van Europa. Hierna stappen we via het bos van Givenchy naar het gelijknamig dorpje. Bij het buitenkomen van het dorp voert een mooie veldwegel ons naar de top van de heuvel van Vimy alwaar we het opvallende Canadese monument terugvinden. De niet wandelaars gaan een koffietje nuttigen in café “L’ erable  “ en meteen dagen de eerste oorlogsouvenirs op. Het is een zeer mooi omkaderd en aangenaam cafeetje.

Onmiddellijk vallen de verschillende kogelhulzen op van alle kalibers die daar werden afgeschoten. Ook enkel fraai bewerkte hulzen herschapen in echte kunstwerken.

Ook twee Canadese militairen in uniform, een piloot en een ranger. Na de koffiepauze staan we oog in oog met de Canadese loopgraven, dat we gaan bezoeken onder begeleiding van een Canadese gids. Dit zijn jobstudenten die voor begeleiding zorgen en vier maanden in Arras verblijven en dan terugkeren naar Canada.

Wat opvalt bij het naderen is dat het landschap er nog ligt zoals in den oorlog, nu niettemin met gras en bomen begroeid. Maar geen enkele vierkante meter ligt vlak het is de ene bomkrater naast de andere, echt ongelooflijk. De soldaten zaten 6 tot 8 meter diep terwijl de Duitse bommen maar 6 m diepte bereikten. Op 9 april om 5u30, tweede paasdag versterken de bombardementen. Wat later trekt de Canadese infanterie ten aanval, tegelijk met de Britse aanval vanuit de tunnels onder Arras. Voorafgegaan door een perfect geregeld spervuur dat voor de tanks en de infanterie uitgaat. In het eerste halfuur begeeft een eerste deel van de Duitse linie. Na een nachtpauze zetten de geallieerden hun opmars voort en de Duitsers verliezen de strijd. 3400 Duitse krijgsgevangenen op een 14 km lange frontlijn. Langs Candese zijde 10600 slachtoffers.

We stappen de loopgraven in, hier en daar een trap naar boven, een metalen plaat als bescherming tegen kogelinslag en een kijkgat en tevens een schietgat. Even bovenkijken en we krijgen een beeld van hoe het aardoppervlak eruit zag, onvoorstelbaar. We dalen af naar de onderaardse gangen 8 tot 10 meter diep en een 10 km lang tot in het hoofdkwartier nabij Arras. De foto met verlichting is een exacte weergave van het licht in de gangen. De kamer met de twee zogezegd stapelbedden met middenin een schrijftafeltje en stoel ware voorbestemd voor officieren. Bestendig waren er 700 militairen in de gangen aanwezig. Het moet afschuwelijk geweest zijn, als je dat ziet wordt je toch stil en krijg je het benauwd. Er werden ook vernuftige technieken gebruikt bv. , het uitgraven van de grond om de tunnels te graven verliep tamelijk vlot gezien de samenstelling kalkachtig was. Maar de wagentjes die ze gebruikten waren van hout, en reden op houten rails. Metalen

op elkaar wrijvend kunnen vonken veroorzaken, en indien er gas aanwezig was kon dit een ontploffing veroorzaken. Anderzijds metaal op metaal produceerde meer geluid. De muren werden aan beide zijden afgeluisterd met stethoscopen. De kalkgrond kon men niet gebruiken om beschermingszakjes te vullen ter versterking van de loopgravenwand, als de Duitsers erop schoten en zij zagen een kalkwolk wiste ze dat de vijand ondergronds zat, ondanks de geringe afstand van elkaar ondergronds waren beide partijen ongerust. De vrij gekomen grond werd in de putten naar buiten gebracht en onmiddellijk met modder bedekt, terug als afleidingsmiddel. Dit alles is een afschuwelijk en niet te begrijpen begrip dat mensen zich zo kunnen vernietigen, het mag nooit meer gebeuren schreeuwen we, maar kijk dan naar het wereldnieuws, het gaat nu moderner maar het is geen haar beter. Wij gaan dan het indrukwekkende beeld op de 145 m hoge heuvel, gebouwd ter nagedachtenis van zij die hier hun leven lieten.

Bovenop het 37 m hoge beeld staat een huilende vrouw, treurend bij het verlies van haar Canadese landgenoten, van deze toenmalige jonge staat. Het monument heeft ook 20 beelden en men heeft er 12 jaar aan gewerkt. Intussen trekt de mist wat op en ontwaren we van op het hoge beeld onze wandelaars die thans rustig en sereen naar deze plaats toekomen.

Na de middag stappen de wandelaars onder een rustig septemberzonnetje langs een rustige veldweg naar Souchez, van hieruit volgen we het valleitje van de Carency en belanden zo in Ablain Saint Nazaire. We passeren de ruïnes van een gebombardeerde kerk en ontwaren in de verte boven op een heuvel het kerkhof van Notre-Dame de Lorette. Via een schitterende wegel klimmen we totdat we boven plots oog in oog staan met het imposante kerkhof. We dwalen even tussen de 20000 kruisjes tot aan de ingang van de kerk, hier worden we even stil bij het lezen van de gesculpteerde namen. Hier sneuvelden duizenden jongeren voor hun vaderland. We nemen rustig onze tijd om het grootste militaire kerkhof van Frankrijk te bezoeken, iedereen is onder de indruk.

Via de ‘route du roi d’Angleterre’ dalen we de heuvel af om een half uur later het centrum van Souchez te bereiken alwaar we de bus opstappen na een namiddagwandeling van ongeveer 12km.

De niet wandelaars worden doorgevoerd naar Béthune, waar onze chauffeur ons afzet op Place de la republique, op een 100 m van het centrum. Eens op het marktpleintje krijgen we nog een mooie verrassing te bekijken er wordt er verzameld voor een autorally, waar we absoluut geen hinder van ondervinden.

Bij het betreden van de markt staat het stoere belfort als een schildwacht. Maar wat zeker opvalt zijn de prachtige huisgevels op de omtrek van de markt. Er zitten echte kunstwerken bij, uitzonderlijk mooi. Wat ook opvalt, zijn de smalle geveltjes en de voordeuren, leefde die daar vroeger op dieet nee toch. Nee, de reden zou geweest zijn de weinige bebouwbare ruimte en de zeer grote vraag. Maar ze waren wel drie verdiepen hoog en met spitse topgeveltjes, maar dit is maar van horen zeggen hoor. Op de stoep enkele oude machines, lintzagen, symbolen van een teloor gedane nijverheid

Men had er in die streek toch heel wat mijnwerkers, maar de streek is nooit zeer rijk geweest, maar de huidige tijd heeft daar heel wat verandering ingebracht
In een winkeletalage ontdekken we een oudheid van uitzonderlijk formaat. Wij wisten vooreerst niet dat Peugeot ook moto’s gemaakt heeft, en wat staat daar.

Een moto Peugeot Type 54 1000 cc – bouwjaar 1945, een echt industrie juweel. Het centrum is niet zo groot maar de moeite waard om te ontdekken. En als je denkt alles te hebben gezien dan staat daar de stoere toren van de St. Vaast kerk. Een zeer mooi opgesmukte kerk met prachtig beelden, mooie glasramen en heel wat kunstwerken. Het is een prachtig decor waar oud en nieuw zich prachtig aanvullen.

Goe genoeg gezien en nu naar huis, nee nee naar de barbque, vooral onze Picon, zeg naar Noord Frankrijk geweest zijn en geen picon gedronken hebben is een grote fout

En daarna een heerlijke barbecue , 4 lappen vlees en een groentenbuffet meer moet dat niet zijn, wat kan je nog meer wensen.

Aan de ontwerpers van deze uitzonderlijke interessante daguitstap van harte proficiat en van harte dank voor jullie zeer gewaardeerde inzet; het was klassenwerk en een wandelhoogdag. Ook het voltallige bestuur van harte dank dat we van zo een heerlijke dag konden genieten, machtig goed en machtig mooi.



Ons bewandelde traject 13-09-2014Ons gewandelde traject.