Zeer mooi en geschiedkundig parkoers rond Zillebeke

Gepost door: Kastaar |Wandelclub Nooit moe Boezinge

Zillebeke 11-08-2013 

Wij zijn er te gast bij wandelclub nooit moe Boezinge voor hun harmoniewandeling. Het weer is wat bewolkt om en bij de 14° en later op de dag klaart het uit, en het heerlijk glooiende landschap komt er stralend uit nu de zon van de partij is, het wordt echt een aangenaam wandelweer en wij kiezen voor het 13 km parkoers. 

Wij stappen meteen langs een beek vol wilde orchideeën, machtig mooi naar Zillebeke vijver toe. Het is een vijver op natuurlijke wijze ontstaan. Al in 1295 was er sprake van een kleine vijver, deels vijver en deels moeras door tussenkomst van de mens is de vijver samen met de verdronken weiden één van Iepers grootste waterreservoirs geworden, en bevoorraad Ieper nog altijd grotendeels van drinkwater. De vijver zelf is 28 ha groot en door zijn natuurlijke oorsprong is er een rijke plantenweelde en huizen er talrijke watervogels. Het is dan ook een geliefd paradijs voor wandelaars, roeiers en hengelaars mogen een gans eindje langs de vijver in een lange heerlijke groene dreef, het is er machtig wandelen. Op het einde van de dreef even naar rechts richting hoeve. Op het erf zitten een viertal jonge poesjes in het zonnetje lieflijk te kijken naar al die mensen, vanwaar komen die allemaal schijnen zij te denken. Even het erf af en wij belanden in een grote boomgaard. Tussen de rijpende appels en peren zit een konijntje wat gras te knabbelen. Wij zijn er niet alleen langs gestapt maar ook er dwars door, een hemels gevoel tussen die rijpende vruchten. Langs deze weg van harte dank aan de eigenaar voor zijn gastvrijheid en het vertouwen Maar na deze heuglijke passage krijgen wij ook minder fraaie herinneringen van het verleden, souvenirs die wij later op de dag nog meermaals zullen meemaken. Op dergelijke momenten stelt men zich dan ook de vraag, waarom moesten al deze mensen hun leven geven na heel wat miserie te hebben meegemaakt. Al voor enkele egoïstische denkpistes van enkele politieke wereldleiders die hun wil zouden opdringen. Je zou hopen dat dit niet meer voorvalt zeker en vast, maar heden ten dage zijn er thans nog veel zo taferelen van dergelijke omvang bezig maar het is ietsje verder van ons. Wij hebben een eerste Brits kerkhof en die hebben een speciaal kenmerk je herkend zij altijd. Sinds begin 1918 hadden zij een bepaald concept, zij dienden omringd te zijn door lage muurtjes, soms deels omhaagde grastuinen met eenvoudige zerkjes, gedomineerd door een ‘Cross off sacrifice’, een stenen kruis met bronzen zwaard. Beplanting bij voorkeur met specifieke Engelse bloemen en planten zodat zij een uitzicht gaven van een Engelse tuin, nog versterkt door witte Portlandsteen. Een smal betonweggetje brengt ons dwars door de maïsvelden om wat later te wisselen voor de weg richtinGasthuisbossen. Deze bossen zijn 200ha groot en verspreid over zeven gebieden en eigendom van het Ieperse O.C.M.W. De gasthuisbossen ontleent haar naam aan het Ieperse O.L.Vrouwgasthuis, dat vanaf de middeleeuwen één van de belangrijkste eigenaars waren van deze bossen. Nu vormen zij één van de weinige overblijfsels van een uitgestrekt bosgebied die tot in de 19de eeuw heel Zonnebeke, Zillebeke en Zandvoorde bedekte. Terug wat bekoorlijke zichten en prachtige dreven. Op een landbouwbedrijf benutten wij onze rustpost. Een kort eindje baan en rechts af het bos in en dat valt best mee. Op onze weg Hill  60, een kunstmatige hoogte die op het einde van de 19de eeuw werd gevormd door de opgegraven aarde van de naastliggende spoorlijn. Deze strategische plaats was ook het toneel van hevige gevechten. Was meerdere malen in Duitse of Britse handen. De Britten veroverden hem met het graven van onderaardse gangen onder de Duitse stellingen, men plaatste er nadien een grote hoeveelheid springstof in en lieten dan de boel ontploffen. De Duitsers lanceerden een tegenoffensief na drie weken en gebruikten gifgas. 3000 Britten verloren er het leven, pas eind september en enkele wisselingen tussendoor zouden de Duitsers het onderspit delven. Wij passeren het gehucht van de verbrande molen Hier hebben ooit 3 molens gestaan die allen hetzelfde lot ondergingen. De eerste molen “de Sillebeeckse meulen” werd op^getrokken in 1641 en werd in de zomer van 1770 getroffen door een blikseminslag. In 1773 werd hij heropgebouwd en viel in 1918 terug ten prooi aan de vlammen. Voor de derde maal werd hij in 1924 heropgebouwd en ook deze keer nu in 1940 in de as gelegd. Een ander natuurgebied dat wij binnenstappen is dat van de palingbeek. Ook hier een lang en ingewikkeld oorlogsverhaal. Nog een bos, het komt hier op geen eentje aan is dat van het Molenbos In 1995 werd he molenbos samen met de hoeve Callewaert aangekocht door de provincie. Het is een loofbos met goede structuur en vrij veel dood hout zelfs, wat het bosleven ten goede komt. In het bos ontspringt de Klytgatbeek met een drietal bronnen. De bronbeekjesdamd zijn afgedamd tot enkele mooie cascadevijvers. Nog enkele militaire begraafplaatsen, wat mooie zeer bekoorlijke panorama’s komen wij stilaan naar de St. Catharinakerk met zijn dikke vierkante toren naar de aankomst van deze paradijselijke wandeling toe. Wij hebben zeer veel gezien en geleerd maar bijlange niet alles wat deze streek te bieden heeft. Wij hadden dan ook alle redenen om nog wat na te praten met een fris pintje, maar ook met Heerlijk vers gebakken pannenkoeken, en wees gerust de bakker mogen blijven zij kennen de stiel. Wij gaan nu niet grootmoedig worden en zeggen zie je ons”dat wisten wij al. Nee de vele pancartes met een woordje uitleg waren zeker een gewaardeerde meerwaarde voor de organisatie waarvoor van harte dank. 

Aan de parkoermeester, organisatie en medewerkers een zeer dikke proficiat, en een groot woord van dank aan iedereen voor jullie inzet. Gasten hou jullie goed het allerbeste, het was een echte wandelhoogdag, en daarom zeker tot een volgende wandelgelegenheid.